“We have a go!” schreeuwt onze hoofdredacteur trots en
slaat met zijn lauwe kop koffie op tafel. Deadstar doet dit doorgaands alleen
bij het laatste Lady GaGa nieuws en bevlekt daarmee altijd de helft van de
kopij die op zijn tafel rondslingert, vooral die van Kurt. Ik vraag me even af
in hoeverre deze bruine vlekken het de eindredactie onmogelijk maken maar
bedenk me dan dat diezelfde eenmansredactie al een jaar thuiszit met een
muisarm. Verder niet belangrijk, we hebben een missie van nationaal belang! De
Tagrijn, een poppodium in Hilversum dat als alternatief bastion in het Gooi had
gediend, is na jaren van verbouwing herdoopt tot de Vorstin en gaat binnenkort
weer open. Speakerheadz is het aan de maatschappij verplicht hier verslag van
te doen.
Samen met Kurt en Joris vorm ik het Speakerheadz
All-Stars team – Jelger is kaartjeblazen in de Drie Gezusters – dat de opening
van dit nieuwe poppodium zou gaan bijwonen. Via zijn cokedealer had Joris het
nummer gekregen van iemand die misschien wel voor een of twee
gastenlijstplekken kon zorgen. Met zijn Purmerendse onderhandelingstechnieken
maakte Deadstar hier gemakkelijk vier van. De eerder genoemde dealer was zelfs
zo aardig ons erheen te brengen, onder voorwaarde dat we genoeg afnamen om in
ieder geval de benzine te compenseren.
“Als we dan toch vier plekken hebben neem die jongen dan ook mee naar
binnen, komen jullie tenminste ook thuis.”
Joris knikte zeer enthousiast ja op dit voorstel van
Deadstar maar Kurt en ik besloten dat het verstandiger is ondersteunend personeel
buiten te laten. We hebben al een fles Famous Grouse voor de rit ingepakt en
willen het lot niet tarten door ook nog eens een onbeperkte hoeveelheid drugs
naar binnen te nemen. In de auto naar Hilversum is er spanning, Joris is het
duidelijk niet helemaal eens met ons besluit maar heeft gelukkig een nieuwe
camera bij zich om mee te spelen.
De rit verloopt voorspoedig en we arriveren exact op het
moment dat de Famous leeg is. Onze chauffeur wenst ons een fijne avond en
dringt aan dat we rustig aan doen.
Kurt kijkt de auto hoofdschuddend na en merkt terecht op:
“Eerst
ons 2 gram verkopen en vervolgens moeten we het rustig aan doen? Butje..”
Voordat Joris hier op kan ingaan komt er een vrouwtje naar hem toelopen die ons
erop wijst dat we voorbij het spoor mooie foto’s kunnen maken.
“Voorbij het spoor? Zie je dan niet dat ER EEN TREIN OVER RIJDT?!!”
brult Kurt en smijt de lege fles tegen de voorbijrazende trein aan. “Allemaal kak
hier! KAK!!” roept hij het vrouwtje na terwijl zij dekking zoekt
voor de rondvliegende glasscherven. Het is tijd om door te lopen.
We gaan snel de hoek om en lopen recht tegen een glazen
gevaarte aan dat onze zintuigen even doet verstommen.
“Hier zou Escher nog hoofdpijn van krijgen” mompelt Joris,
terwijl hij het knopje op zijn camera zoekt om de esoterische architectuur op
juiste wijze vast te leggen. Ik probeer te bedenken waar de Vorstin op lijkt maar
kom niet verder dan “stealth bommenwerper gevouwen om een discobol”. Kurt
verzucht iets over ‘hoeveel dit nu weer heeft gekost’ en loopt hoofdschuddend
verder. We komen er snel achter dat de mysterieuze uitstraling van het gebouw duidelijk
ook effect heeft gehad op de omliggende buurt, gezien de bonte menigte voor de
ingang. Verveelde jongeren met Uggs en senioren leunend op hun rollator
versperren de weg en maar moeizaam kunnen we ons naar voren banen.
Kurt raakt duidelijk geïrriteerd. “Fuck! Straks komen we
te laat?!”
‘Huh, sluit de gastenlijst dan na een bepaalde tijd?’
vraag ik verschrikt. Kurt haalt zijn schouders op en kijkt een beetje vies.
Onze hoofdredacteur had niets gezegd over een tijd die we moesten halen. “Ik
weet het niet maar het zou niet de eerste keer zijn dat Deadstar belangrijke
informatie verzwijgt. Weet je nog de vrijkaarten voor Black Mountain, Joris?”
Het Black Mountain debacle lag iedereen nog vers in het
geheugen. Deadstar had zogenaamd vrije toegang voor twee geregeld bij de
Paradiso maar toen Joris eenmaal aan de deur stond met zijn nieuwe
spiegelreflex wisten ze daar van niks. Hiermee viel niet alleen het stuk maar
ook nog eens een date in het water. Hij had een meisje van werk gevraagd hem te
vergezellen naar het concert maar kreeg haar niet zover ‘dan maar in de Weber
wat te drinken’. Na de bedenkingen van Kurt wordt dit verhaal opeens een stuk
minder grappig.
Joris probeert nog het proces te versnellen door ‘landelijke
pers!’ te roepen maar hierdoor lijken mensen alleen maar minder bereid aan de
kant te gaan.
Onze angst is ongegrond. Al snel blijkt namelijk dat onze
‘gastenlijst’ evenveel waard is als de scherven van de whiskyfles, aangezien
iedereen bij de ingang gewoon mag doorlopen. Dit doet af aan het exclusieve
karakter waarover we ons zo hadden zitten opwinden in de auto. De norse portier
baart me echter wel zorgen en uit voorzorg grijp ik Joris bij zijn camera en
verstop ons achter Kurt. Hij heeft nog recent zijn furie kunnen koelen op de
trein en kan met zijn hervonden rust het best onze dronkenschap
verbergen. Deze truc - ter plekke gedoopt tot de Trojaanse Ezel - krijgt
ons voorbij het laatste obstakel.
Opgelucht kruipen we achter Kurt vandaan terwijl een vriendelijke
dame ons een glaasje oranjebitter aanbiedt. We nemen er elk twee. Naast de
eerdere opmerkingen over de opmerkelijke dimensies van het gebouw kunnen we nu
ook constateren dat de Vorstin van binnen groter is van buiten.
“Zwarte magie!” kraait een oude man vanachter zijn
rollator en we begeven ons maar naar de garderobe.
Het begin van de avond verloopt zonder noemenswaardige incidenten.
We komen er snel achter dat de opening voor de echte pers een dag eerder was
maar deze onthulling komt op een punt dat we allang vrede hebben met de status
van onze afvaardiging. Desondanks wil Joris de wethouder interviewen en mijn
telefoon mag dienstdoen als dictafoon. Kurt gaat ondertussen op
verkenningstocht. Ik vraag hem of het wel slim is uit elkaar te gaan. “Je weet
hoe het gaat in slechte films en het scenario van deze avond is tot zover niet
Oscar-waardig.”
“Ik wil graag weten welke nooddeuren niet op slot zitten,”
zegt hij. “Het is fucking warm hier
binnen en ik heb geen zin in verrassingen als een van deze oudjes straks
spontaan ontvlamt.”
Het interview met de wethouder begint goed. Joris is net
zolang lovend over het nieuwe poppodium tot het statige vrouwtje zich op
haar gemak voelt en begint dan een meer kritische toon aan te slaan. Is de Vorstin wel te
verenigen met het alternatieve karakter van de oude Tagrijn? Zal de nieuwe
stijl invloed hebben op de selectie van steun die de gemeente geeft aan de
diverse initiatieven? De wethouder lijkt te worstelen met het spervuur aan
vragen en wordt daarnaast ongemakkelijk van de jongen die de dictafoon
vasthoudt. Is hij nou aan het knipogen? Is dat een kusje? Wie zijn deze gasten?
We duiken achter het podium en gaan een paar trappen op. Na
twee verdiepingen komen we aan bij een blanco deur en vertelt Kurt wat de prijs
is. “Ik was op zoek naar de plee en liep hier maar naar binnen. Volgens mij is
het de Vip bar want ze hebben gewoon booze en niet die pis van beneden.” Het is
even stil voordat Joris en ik beginnen te lachen en we met z’n drieën tegelijk door
de deur heen vallen.
Dezelfde apathie die we bij de entree vonden heerst gelukkig
ook hier. De dame achter de bar stamelt dat dit eigenlijk voor ‘een select
gezelschap is’ maar bekent snel dat ‘die wel erg lang op zich laten wachten’.
We doen synchroon onze beste Prodentsmile en na vijf seconden geeft ze zich
gewonnen. “Dan heb ik tenminste ook wat te doen!” en luidkeels prijzen we haar
gezonde werkethos. Ze lijkt oprecht blij eindelijk publiek te hebben want ze
schenkt de longdrinks vol met whisky. Nog even probeer ik me te bedenken wat we
eigenlijk hebben gegeten maar al snel volgt het tweede glas en zijn dit soort
vragen niet meer aan de orde.
- Deel 2 volgt snel, echt waar
- Deel 2 volgt snel, echt waar

Geen opmerkingen:
Een reactie posten